vrijdag 28 juni 2013

Beleid kun je niet sturen, door in de achteruitkijkspiegel te turen


In haar rapport Effectiviteitsonderzoek bij de rijksoverheid: vervolgonderzoek*, dat 27 juni is verschenen, probeert de Rekenkamer beleid te laten sturen, door beleidsmakers aandachtig in hun achteruitkijkspiegel te laten turen.

Maar beleid maak je niet door te analyseren of je in de vorige bochten goed gestuurd hebt.
Het schip van staat stuur je niet door in je logboek te lezen, en alleen slechte generaals vechten de vorige oorlog over.

Als je ex post een effect wilt kunnen evalueren, dan zul je ex ante aan moeten kunnen geven wat het verwachte, of liever: beoogde effect is, en zul je ex durante bij moeten kunnen houden of je op de goede weg bent.

Voor de output van een operationeel doel (wat je wil doen) kun je soms ex ante een ex post effect bedenken dat binnen een zinnige termijn realistische stuur-informatie geeft.
Voor een Beleidsdoel (waarom je het wil doen) lukt dat nauwelijks, door de abstractie, de divergentie en de vertraging van het effect, of liever: van de effecten.
De outcome van een Maatschappelijke doel (wat je wil bereiken) is dermate abstract, divergent en vertraagd, dat je er slechts historisch onderzoek naar kunt doen.

De pretentie, maatschappelijke effecten van beleid te kunnen meten, leidt in het gunstige geval tot al die methodisch zwakke rapporten aan de kamer. In het ongunstige geval tot nare experimenten.
(Hypothese: verminderen van staatssteun leidt tot toename van eigen initiatief en van nemen van verantwoordelijkheid. Onderzoeksopzet: we geven een significante populatie de komende twee jaar slechts de helft van de huidige toeslagen en uitkeringen, en meten de toename in eigen initiatief en in het nemen van verantwoordelijkheid voor de eigen situatie ten opzichte van een controlegroep.)

De enige democratische evaluatie is natuurlijk ex ante evaluatie.
Bezint eer ge begint, eigenlijk. Of liever: bedenk, maar aarzel niet.


Goed beleid maak je door de bochten vóór je goed in te sturen, niet door een Maginotlinie van ex post beleidsevaluaties op te trekken.
Goed beleid maak je door democratisch gewogen te beslissen, op grond van argumenten, gevonden in zo goed mogelijk ontsloten informatie. Informatie óók over het stuurgedrag in vorige bochten, dat wel, en dan liefst methodisch geanalyseerd.

Daar ligt een echte uitdaging: in het methodisch destilleren van informatie tot argumentatie.
Maar dat is geen uitdaging binnen de planning- en controlcyclus, dat is een opdracht aan “derden”.
En die derden dat zijn wij, belastingplichtige en kiesgerechtigde burgers.

*Effectiviteitsonderzoek bij de rijksoverheid: vervolgonderzoek

donderdag 3 januari 2013

Dwars denken in dertien


Dé uitdaging voor denken in 2013?
Denken in taxonomieën én denken in netwerken.

Taxonomieën beschrijven concepten, causaliteit, systemen, hiërarchieën.
Ze zijn duurzaam en goed beheersbaar, ideaal voor het bouwen van organisaties.
Taxonomieën kanaliseren competitie en beheersen tegenstellingen.

Netwerken beschrijven relaties, waarden, individuen, associaties.
Ze zijn veranderlijk, moeilijk beheersbaar en ideaal voor het relativeren van organisaties.
Netwerken bloeien door competitie en balanceren tegenstellingen.

Deze RSA-animatie illustreert dit denken.
Innovatieve educatie, gedegen waar informatief en onderhoudend waar speculatief.